Wat doet verandering van beweegpatroon met de kwaliteit van leven bij borstkankerpatiënten?
Om op deze vraag antwoord te krijgen hebben Prof. dr. ir. van Leeuwen, hoogleraar epidemiologie van kanker, en Prof. dr. de Haas, hoogleraar medische psychologie, vier jaar geleden met een aantal collega’s een leefgewoonte studie opgezet. Dit onderzoek is onderdeel van een grote klinische trial, geleid door Prof. dr. van de Velde in Leiden, waarbij onderzocht wordt of verschillende hormonale therapieën een beter effect hebben op de overleving na borstkanker.
Het onderzoek naar leefgewoonten bij patiënten met borstkanker
Dit onderzoek naar leefgewoonten wordt gedaan bij patiënten met borstkanker. Bij een grote groep deelnemers aan de klinische trial is een vragenlijst uitgezet waarin o.a. vragen worden gesteld over ‘bewegen’, maar ook over andere leefstijlfactoren en over de kwaliteit van leven na de diagnose borstkanker.
Ondertussen is al bekend dat te weinig bewegen een risicofactor is voor het ontstaan van borstkanker. Er zijn veel aanwijzingen dat voldoende beweging ook ná de diagnose borstkanker nog gezondheidswinst kan opleveren. Hier is veel minder onderzoek naar gedaan dan naar bewegen als risicofactor. “En dit,” verteld Dr. D. Voskuil, coördinator van het onderzoek naar leefgewoonten, “heeft geleid tot het onderzoek naar leefgewoonten bij patiënten met borstkanker, als onderdeel van de klinische trial.” Het heeft als doel antwoorden te krijgen op de volgende vragen;
• Verandert het beweegpatroon van vrouwen na de diagnose borstkanker?
Een aantal vragen over het beweegpatroon is met een tussenperiode van één jaar, twee keer ingevuld door alle deelnemende vrouwen. De eerste keer dat deze vrouwen de vragenlijst invulden was één à twee jaar na de diagnose borstkanker en een jaar later nog een keer. Hiermee willen we kijken of deze vrouwen hun beweegpatroon hebben veranderd ten opzichte van vóór de diagnose, maar ook in de periode nà de diagnose.
• Heeft verandering van het beweegpatroon invloed heeft op de kwaliteit van leven?
Hoe voelen de vrouwen zich, hoe staan ze in het leven? En komen specifieke klachten, zoals vermoeidheid, minder vaak voor bij vrouwen die lichamelijk actief zijn?
• Heeft verandering van het beweegpatroon effect op de overleving?
Krijgen meer of minder vrouwen een recidief? Kortom, keert de borstkanker terug?
Resultaten
"Nu zijn deze vrouwen vier jaar gevolgd. We hopen dat we eind 2008 al genoeg gegevens hebben om eerste uitspraken te kunnen doen over of bewegen samenhangt met het risico op het terugkomen van borstkanker. We gaan deze vrouwen zeker langer volgen en we kunnen na tien jaar nog veel krachtiger uitspraken doen.”
Wat houdt de grote klinische trial precies in?
De grote klinische trial wordt gecoördineerd door Prof. Van der Velden in Leiden. In het kader van deze trial worden vrouwen, gediagnosticeerd met borstkanker, heel zorgvuldig gevolgd.
Prof. dr. ir. F. van Leeuwen: “De ene gerandomiseerde groep vrouwen, gediagnosticeerd met borstkanker, krijgt het ene antihormoon toegediend om de kans op terugkomen van de tumor te verminderen en het andere deel van de deelnemende vrouwen krijgt het andere antihormoon. De twee antihormonen worden in deze trial met elkaar vergeleken. Onderzocht wordt of het ene hormoon nog beter werkt dan het andere.”
Stichting Pink Ribbon
Als onderdeel van de grote klinische trial, hebben alle deelnemende vrouwen, ongeacht welk antihormoon-medicijn ze krijgen, een vragenlijst ingevuld over hun leefgewoonten. In dit onderzoek wordt bij deze vrouwen gekeken naar de kwaliteit van leven en de kans op een recidief. Dit deel van het onderzoek wordt gefinancierd door Stichting Pink Ribbon.
Het ontstaan van een nieuwe borstkanker
Prof. dr. F. van Leeuwen: “Ondertussen kijken we ook naar het ontstaan van nieuwe borstkankers bij deze groep vrouwen. Aangezien vrouwen die weinig actief zijn een grotere kans op borstkanker hebben, is het ook aannemelijk om te verwachten dat vrouwen die minder bewegen ook vaker een nieuwe borstkanker zullen krijgen. De vier jaar die het onderzoek nu loopt is nog te kort voor om hier iets over te kunnen concluderen. Het aantal vrouwen in de trial die een tweede borstkanker hebben gekregen is nog te klein om hier uitspraken over te doen. Dus in de toekomst is het noodzakelijk dat hier meer onderzoek naar wordt gedaan, want hier is nog heel weinig over bekend.”
• Prof. dr. ir. Floor van Leeuwen, initiatiefnemer en projectleider van het onderzoek naar leefgewoonten bij patiënten met borstkanker. Verbonden aan het Nederlands Kanker Instituut - Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis, Amsterdam.
• Prof. dr. Hanneke de Haas, hoogleraar medische psychologie, initiatiefnemer van het onderzoek naar leefgewoonten bij patiënten met borstkanker. Verbonden aan het Academisch Medisch Centrum, Amsterdam.
• Dr. ir. Dorien Voskuil, coördinator van het onderzoek naar leefgewoonten bij patiënten met borstkanker. Verbonden aan het Nederlands Kanker Instituut - Antoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis, Amsterdam.
• Prof. dr. Cock van de Velde, projectleider van de klinische trial (TEAM trial). Verbonden aan het Leids Universitair Medisch Centrum, Leiden.



