Evaluatie van een online therapie programma voor vrouwen seksuele en intimiteitsproblemen hebben gekregen

50% van de vrouwen die behandeld zijn voor borstkanker hebben enige vorm van seksueel disfunctioneren. In deze studie wordt de effectiviteit van een online therapie programma gemeten. Dat programma is ontwikkeld voor vrouwen die door de behandeling van borstkanker seksuele en intimiteitsproblemen hebben gekregen.

Waarom wordt deze studie uitgevoerd?
Borstkanker heeft een grote impact op het dagelijkse functioneren van een vrouw. Naast alle lichaamsveranderingen heeft een patiënt ook te maken met lange termijn complicaties. Eén daarvan is het seksueel disfunctioneren. Ongeveer 50% van de vrouwen die behandeld is voor borstkanker heeft hier last van. Er ontstaan problemen omtrent seksuele verlangen, opwinding en plezier. Dit kan een negatief effect hebben op het zelfbeeld, vrouwelijkheid en gevoelens van aantrekkelijkheid.

Uit eerder onderzoek is gebleken dat therapie kan helpen. Face -to-face therapie is voor een grote groep patiënten confronterend. Therapie via internet is mogelijk toegankelijker. De KIS studie onderzoekt of cognitieve gedragstherapie via internet effectief is in het verminderen van problemen met seksualiteit en intimiteit bij vrouwen die zijn behandeld voor borstkanker. Bij gebleken effectiviteit zal dit programma een welkome toevoeging zijn aan het reguliere nazorgprogramma.

Hoe wordt de studie uitgevoerd?
Een groep van 160 vrouwen die voldoen aan de klinische criteria voor seksueel disfunctioneren gaan meedoen aan het onderzoek. Het gaat om vrouwen die 6 maanden tot 5 jaar geleden hun behandeling voor borstkanker hebben afgerond. De vrouwen worden verdeeld in 2 groepen; een interventiegroep en een controle groep. Tijdens verschillende momenten vinden metingen plaats.

169 vrouwen zijn geincludeerd in deze prospectieve, multicenter, randomized controlled trial. Deze vrouwen hebben 6 maanden tot en met 5 jaar geleden een diagnose borstkanker gehad. Hun behandeling voor borstkanker is afgerond (m.u.v. hormoontherapie/ immunotherapie) en ze voldoen aan de klinische criteria voor seksueel disfunctioneren.
De cognitieve gedragstherapie via internet bestaat uit een selectie van 4 à 5 modules uit een totaal van 10 modules, resulterend in een behandeling van 20 sessies. Deze sessies worden in een periode van maximaal 24 weken doorlopen. De modules worden geselecteerd door de seksuoloog op basis van een intakegesprek, en sluiten aan bij de precieze klachten die een vrouw ervaart. Een module bestaat uit informatieteksten, huiswerkopdrachten, rapportage aan de seksuoloog en feedback van de seksuoloog. Vrouwen in de interventiegroep worden gevraagd vragenlijsten in te vullen met vragen over problemen met seksualiteit en intimiteit, lichaamsbeeld, menopauzale symptomen, relationeel functioneren, psychische stress en kwaliteit van leven. Deze vragenlijsten worden afgenomen aan het begin van de studie, 10 weken na de start van de therapie en bij afronding van de therapie. Follow-up metingen vinden 3 maanden en 9 maanden na de behandeling plaats. De deelneemsters in de controlegroep worden op vergelijkbare momenten gevraagd dezelfde vragenlijsten in te vullen.
Als de 169 vrouwen allen hun deelname aan de studie hebben afgerond, zullen de uitkomsten op de vragenlijsten worden geanalyseerd. Op die manier wordt onderzocht of de vrouwen die de behandeling hebben ondergaan gedurende de studie minder problemen met seksualiteit en intimiteit zijn gaan ervaren dan vrouwen in de controlegroep.

Wat is de status en welke impact heeft dit onderzoek op de borstkankerpatiënt?
De studie is afgerond. Uit het onderzoek blijkt dat vrouwen die na borstkanker te maken krijgen met ernstige seksuele problematiek, geholpen kunnen worden met online cognitieve gedragstherapie. Van de deelnemende vrouwen (169 in totaal) kreeg de helft de online cognitieve gedragstherapie aangeboden. Deze bestond uit maximaal 24 wekelijkse sessies onder begeleiding van een therapeut via e-mail en telefoon. De andere helft van de vrouwen, die fungeerde als controlegroep, bleef op een wachtlijst voor hulp staan. Van de vrouwen die de therapie volgden, trad bij 63% een klinisch significante verbetering van het seksueel functioneren op. Dat was duidelijk meer dan bij de vrouwen die geen behandeling kregen, van wie slechts een klein deel over de tijd wel enige verbetering ervoer, maar lang niet zo sterk als bij de behandelde groep.

Momenteel wordt de therapie nog niet vergoed, al gaat de projectgroep daar wel voor pleiten. Lisanne Hummel: "Een internettherapie verlaagt de drempel om hulp te zoeken: het kan makkelijker voelen over seksuele klachten te
'praten' met een psycholoog of seksuoloog wanneer het contact via internet plaatsvindt. Daarnaast bevinden veel ex-patiënten zich vaak nog in een re-integratie traject, waardoor het prettig is dat zij de therapie op zelfgekozen momenten kunnen volgen. Het is belangrijk, naast face-to-face counseling, deze internettherapie aan te kunnen bieden."

Lees meer over de resultaten in onderstaand persbericht (februari 2017):
Cognitieve gedragstherapie via internet is effectief bij seksuele problematiek na borstkanker